Nieuws
| Belastingplan-2010 | 12-02-2010 |
ALGEMEEN (Inkomstenbelasting en vennootschapsbelasting)Afschrijving bedrijfsmiddelenBedrijven kunnen investeringen die in het kalenderjaar 2010 plaatsvinden in 2 jaar afschrijven, dus maximaal 50 procent in 2010 en 50 procent in 2011. De willekeurige afschrijving is een tijdelijke maatregel, in het kader van de economische crisis, die geldt voor nieuwe bedrijfsmiddelen. Een aantal bedrijfsmiddelen zijn uitgezonderd. De belangrijkste uitzonderingen zijn: gebouwen, grond-, weg- en waterbouwkundige werken, dieren, immateriële activa (waaronder software), bromfietsen, motorrijwielen en personenauto's. Uitgesloten zijn ook bedrijfsmiddelen die hoofdzakelijk bestemd zijn voor ter beschikking stelling aan derden. Taxi's en zeer zuinige personenauto's mogen wel willekeurig worden afgeschreven. Een personenauto geldt als zeer zuinig als de CO2-uitstoot niet meer bedraagt dan 95 gram per kilometer bij dieselmotoren, of niet meer dan 110 gram per kilometer bij andere personenauto's. Willekeurige afschrijving is mogelijk zodra (in het kalenderjaar 2010) een investeringsverplichting is aangegaan of voortbrengingskosten zijn gemaakt. Het bedrag van de willekeurige afschrijving kan echter niet hoger zijn dan het bedrag dat ter zake van de investeringsverplichting is betaald dan wel het bedrag van de gemaakte voortbrengingskosten. Het bedrijfsmiddel moet vóór 1 januari 2013 door de belastingplichtige in gebruik zijn genomen. Deze maatregel gold al voor investeringen gedaan in 2009 (met ingebruikname vóór 1 januari 2012) en wordt met een jaar verlengd. VerliesverrekeningVoor verlies uit werk en woning is de achterwaartse verliesverrekening 3 jaar. Voor het verlies uit aanmerkelijk belang is de achterwaartse verliesverrekening 1 jaar. De voorwaartse verliesverrekening voor het verlies uit werk en woning en het verlies uit aanmerkelijk belang is 9 jaar. Willekeurige afschrijvingBedrijven kunnen investeringen die in het kalenderjaar 2010 plaatsvinden in 2 jaar afschrijven, dus maximaal 50 procent in 2010 en 50 procent in 2011. De willekeurige afschrijving is een tijdelijkemaatregel, in het kader van de economische crisis, die geldt voor nieuwe bedrijfsmiddelen. Een aantal bedrijfsmiddelen zijn uitgezonderd. De belangrijkste uitzonderingen zijn: gebouwen, grond-, weg- en waterbouwkundige werken, dieren, immateriële activa (waaronder software), bromfietsen, motorrijwielen en personenauto's. Uitgesloten zijn ook bedrijfsmiddelen die hoofdzakelijk bestemd zijn voor ter beschikking stelling aan derden. Taxi's en zeer zuinige personenauto's mogen wel willekeurig worden afgeschreven. Een personenauto geldt als zeer zuinig als de CO2-uitstoot niet meer bedraagt dan 95 gram per kilometer bij dieselmotoren, of niet meer dan 110 gram per kilometer bij andere personenauto's. Willekeurige afschrijving is mogelijk zodra (in het kalenderjaar 2010) een investeringsverplichting is aangegaan of voortbrengingskosten zijn gemaakt. Het bedrag van de willekeurige afschrijving kan echter niet hoger zijn dan het bedrag dat ter zake van de investeringsverplichting is betaald dan wel het bedrag van de gemaakte voortbrengingskosten. Het bedrijfsmiddel moet vóór 1 januari 2013 door de belastingplichtige in gebruik zijn genomen. Deze maatregel gold al voor investeringen gedaan in 2009 (met ingebruikname vóór 1 januari 2012) en wordt met een jaar verlengd. Van octrooibox naar innovatieboxDe octrooibox, die in 2007 is ingevoerd, is zodanig verruimd dat deze een nieuwe naam krijgt: de innovatiebox. De verruimingen per 1 januari 2010:
voldoende activiteiten en kennis van zaken aanwezig is. Verzuim)boete inkomstenbelasting en vennootschapsbelastingDe maximale (verzuim)boete voor het niet of niet tijdig aangifte inkomstenbelasting en vennootschapsbelasting doen, wordt met ingang van 1 januari 2010 € 4920 (€ 1134). Als het de eerste keer is dat een belastingplichtige niet of niet tijdig aangifte vennootschapsbelasting doet, bedraagt de boete € 2460 (€567). Als het de eerste keer is dat een belastingplichtige niet of niet tijdig aangifte inkomstenbelasting doet, bedraagt de boete € 226 (niet gewijzigd). De tweede keer zal de boete € 984 bedragen. Aanpak zwartspaardersMet ingang van 1 juli 2009 is de (vergrijp)boete op het niet aangeven van box 3 inkomen verhoogd tot maximaal 300 procent van de verschuldigde belasting. Dit betekent dat zwartspaarders zwaarder beboet kunnen worden. Per 1 januari 2010 wordt de inkeerregeling versoberd. Voortaan kan een boete van 15 procent (van de verschuldigde belasting) worden opgelegd over vermogen dat langer dan twee jaar in het buitenland staat. Boete niet aangeven bijtelling privégebruik auto van de zaakAls er ten onrechte geen bijtelling heeft plaatsgevonden voor het privégebruik auto van de zaak kan een (verzuim) boete van maximaal € 4920 worden opgelegd. Daarnaast is er de mogelijkheid tot een nog hogere (vergrijp)boete bij ontduiken van grote bedragen door bijvoorbeeld het vervalsen van een rittenadministratie. BV, DGA EN AANMERKELIJKBELANGTerbeschikkingstellingsregelingHet inkomen dat iemand geniet uit het terbeschikkingstellen van vermogensbestanddelen aan de eigen onderneming of aan de onderneming van een verbonden persoon wordt belast in box 1. De terbeschikkingstellingsregeling wordt met ingang van 1 januari 2010 op een aantal punten verzacht: 1. Een ter beschikking gesteld pand kan worden ingebracht in de bv zonder heffing van inkomstenbelasting (door middel van doorschuiving van de boekwaarde) en zonder de heffing van overdrachtsbelasting. Eén van de voorwaarden is dat de inbreng plaatsvindt in 2010; 2. Er wordt een terbeschikkingstellingsvrijstelling ingevoerd. Deze vrijstelling is 12% van het gezamenlijke bedrag van het resultaat uit terbeschikkingstellingswerkzaamheden; 3. de terbeschikkingsteller krijgt recht op toepassing van de herinvesteringsreserve en de kostenegalisatiereserve; 4. De betalingsfaciliteit voor de terbeschikkingstellingsregeling wordt versoepeld. Het vereiste dat iemand over onvoldoende middelen beschikt om de belasting te voldoen, de zogenaamde vermogenstoets, vervalt. Doorschuiffaciliteiten en betalingsregeling aanmerkelijkbelangVanaf 1 januari 2010 wordt het mogelijk om bij schenking van een aanmerkelijk belang (meer dan 5% van de aandelen in een onderneming) gebruik te maken van een doorschuifregeling. Nu kan dat alleen bij het vererven van een aanmerkelijk belang. De doorschuifregeling bij schenking van aanmerkelijkbelangaandelen geldt alleen voor zover de bv waarvan deze aandelen worden doorgeschoven een materiële onderneming drijft. Bij vererving van een aanmerkelijk belang geldt vanaf 1 januari 2010 de doorschuifregeling alleen nog voor zover de bv waarvan de aandelen vererven een materiële onderneming drijft. Bij vererving van een aanmerkelijk belang moet dus ter zake van het beleggingsvermogen worden afgerekend. Een tegemoetkoming is opgenomen voor de situatie waarin het beleggingsvermogen kort na het overlijden wordt uitgekeerd in de vorm van dividend. Dit dividend wordt op verzoek niet belast, mits het dividend wordt afgeboekt op de verkrijgingsprijs van de krachtens erfrecht verkregen aandelen. Verder is voor bestaande situaties met houdstermaatschappijen waarvan in het kader van een bedrijfsopvolging de werkmaatschappij is overgedragen tegen schuldigerkenning een overgangsmaatregel getroffen. Voor de situatie dat de aanmerkelijkbelangaandelen worden overgedragen en de tegenprestatie schuldig wordt gebleven door de verkrijger, wordt de betalingsregeling per 1 januari 2010 verruimd. Het hoeft niet langer te gaan om overdracht binnen de familiekring. Verder geldt vanaf 1 januari 2010 een betalingsregeling voor de situatie dat niet de directeur- grootaandeelhouder zelf, maar zijn houdstervennootschap de aandelen voor een lagere prijs dan de waarde in het economische verkeer overdraagt. In dat geval is sprake van een belaste dividenduitkering waarop de doorschuifregeling niet kan worden toegepast. Daarom kan voor deze situaties uitstel van betaling worden verkregen voor verschuldigde inkomstenbelasting over deze dividenduitdeling. Vereenvoudiging aangifte loonheffingen voor dga'sBV's met alleen één of meer directeuren-grootaandeelhouders (dga's) krijgen de mogelijkheid om nog maar eenmaal per jaar aangifte te doen voor de loonheffingen. Die aangifte moet dan in januari gedaan worden. Hierbij gelden twee voorwaarden: - in het bedrijf werkt naast de dga (‘s) geen ander personeel; - de dga is (of de dga‘s zijn') niet verzekerd voor de werknemersverzekeringen. Verruiming verliesverrekeningDe mogelijkheid van verliesverrekening in de vennootschapsbelasting is tijdelijk verruimd. Dit houdt in dat de bestaande mogelijkheid tot terugwenteling van verliezen van één jaar op verzoek wordt verlengd tot drie jaar. In ruil hiervoor wordt dan de huidige voorwaartse verliesverrekening van negen jaar ingekort tot zes jaar. Deze maatregel geldt voor de belastingjaren 2009 en 2010. Overgangsrecht: Tot en met 2011 kunnen alle nog niet verrekende verliezen uit aanmerkelijk belang worden verrekend met de inkomens uit aanmerkelijk belang. Versoepeling gebruikelijkloonregelingIn het kader van het verbeteren van de positie van de directeur-grootaandeelhouder (DGA) wordt de gebruikelijkloonregeling met ingang van 1 januari 2010 versoepeld. De gebruikelijkloonregeling is vanaf 1 januari 2010 niet meer van toepassing als het gebruikelijk loon niet hoger is dan € 5000 per jaar. In deze gevallen hoeft er dan geen loonadministratie te worden opgezet, uiteraard tenzij de BV feitelijk loon betaalt. De grens van € 5000 geldt voor het totaal van de werkzaamheden die de DGA voor een concern verricht, de grens wordt dus niet per BV getoetst. Klik hier voor meer informatie "besluit staatsecretaris tijdelijke goedkeuring voor de "gebruikelijkloon-regeling". BTWVerlaagd btw-tarief voor schilderen en stukadorenHet tijdelijke verlaagde 6%- tarief voor schilderen en stukadoren wordt structureel gemaakt en verruimd. Voorwaarde is dat het huis slechts 2 jaar of ouder hoeft te zijn, dit was 15 jaar of ouder. Deze versoepeling is al in werking getreden op 15 september 2009. Verlaagd btw-tarief voor schoonmaakwerkzaamheden binnen woningenSchoonmaakwerk in huis wordt onder het verlaagde btw-tarief van 6 procent gebracht. Verlaagd btw-tarief voor isolatiewerkzaamhedenHet laten aanbrengen van isolatiemateriaal aan dak, muur, en vloer van woningen ouder dan 2 jaar valt onder het verlaagde 6%-tarief. Deze maatregel geldt al vanaf 1 juli 2009. Overgangsmaatregel Van 1 juli 2009 t/m 31 december 2009 viel het aanbrengen van ramen, deuren en kozijnen en daarmee gelijk te stellen constructieonderdelen inclusief beglazing met ten hoogste een warmtedoorgangscoëfficient (W/m2K) zoals genoemd in het Bouwbesluit ook onder ‘isolatiewerkzaamheden', dus onder het 6%-tarief. Vanaf 1 januari 2010 is dit niet meer het geval. Het 19%-tarief geldt dan weer voor deze werkzaamheden. Wanneer met betrekking tot het aanbrengen van ramen, deuren en kozijnen inclusief beglazing zoals hierboven genoemd met een klant een verplichting is aangegaan t/m 31 december 2009 maar de werkzaamheden zelf worden pas afgerond na 1 januari 2010 kan tot 1 maart 2010 voor deze werkzaamheden het verlaagde tarief worden gehanteerd. Deze overgangsmaatregel geldt ook voor het aanbrengen van isolatieglas tenzij de waarde van het glas een beduidend deel vertegenwoordigt van de waarde van de totale dienst. Verlaagd btw-tarief voor digitale informatie op fysieke dragersHet btw-tarief op (luister)boeken en digitale educatieve informatie op bijvoorbeeld cd-roms en dvd's gaat omlaag van 19 naar 6%. Tot dusver was het verlaagde 6%- BTW-tarief alleen van toepassing op boeken op schrift. E-books en andere educatieve content die wordt gedownload valt niet onder dit verlaagde tarief omdat de Europese BTW-richtlijn dit niet mogelijk maakt. Einde. Loonheffingen. Gebruikelijkloonregeling; loonsverlaging bij omzetdalingBesluit / beleidsregel, Fiscaal | 15-09-2009 | Loonbelasting en premieheffing Belastingdienst/Centrum voor proces- en productontwikkeling, Sector brieven & beleidsbesluitenBesluit van 15 september 2009, nr. CPP2009/1799M, Staatscourant 2009, 13953De staatssecretaris van Financiën heeft het volgende besloten.Dit besluit bevat een tijdelijke goedkeuring voor de gebruikelijkloonregeling. Bij omzetdalingen mag het gebruikelijk loon in 2009 en 2010 evenredig lager zijn. 1. AanleidingZogenoemde AB-werknemers, zoals een dga van een BV, genieten een gebruikelijk loon. Dit is wettelijk geregeld in de gebruikelijkloonregeling (zie artikel 12a van de Wet op de loonbelasting 1964). De hoogte van het gebruikelijk loon is afhankelijk van de relevante feiten en omstandigheden, zoals de beloning bij soortgelijke dienstbetrekkingen. 2. GoedkeuringIk keur goed dat het gebruikelijk loon over 2009 en 2010 wordt bepaald volgens de navolgende berekeningen. Het gaat daarbij om de omzet exclusief de omzetbelasting. - Gebruikelijk loon 2009 = A x B/C - Gebruikelijk loon 2010 = A x D/C - De rekening-courantschuld of het dividend neemt niet toe als gevolg van het lagere gebruikelijk loon. - Als de AB-werknemer feitelijk meer loon heeft genoten dan volgt uit bovenstaande berekeningen, geldt dat hogere loon. - Deze goedkeuring geldt niet voor zover de omzetten in de jaren 2008, 2009 of 2010 beïnvloed zijn door bijzondere oorzaken, zoals oprichting, staking, fusie, splitsing en bijzondere resultaten. Deze goedkeuring kan meebrengen dat het loon van de AB-werknemer lager is dan € 40.000 of het loon van de meestverdienende werknemer (zie artikel 12a van de Wet op de loonbelasting 1964). 3. Andere gevallen: maatwerkBetrokkenen kunnen desgewenst overleggen met de bevoegde inspecteur over de toepassing van deze goedkeuring. Dat geldt ook voor situaties die niet (rechtstreeks) onder deze goedkeuring vallen, maar waar wel knelpunten optreden. Bij bijzondere situaties passen maatwerkoplossingen. Zo kan bij een verliessituatie van de vennootschap de goedkeuring onder 2 hiervoor leiden tot een lager gebruikelijk loon. In geval van bijkomende omstandigheden is het mogelijk een (nog) lager gebruikelijk loon vast te stellen. 4. Inwerkingtreding en vervaldatumDit besluit treedt in werking met ingang van de dag na de datum van uitgifte van de Staatscourant waarin het wordt geplaatst en vervalt met ingang van 1 januari 2011. terug naar pagina |
|